Leer elk kind lezen

Flutlabels of verheldering van neurobiologische drempels



De vzw Breinwijzer organiseert een gespreksavond over dyslexie en dyscalculie. Dat is nodig, vinden ze bij Breinwijzer, want: ‘In de nasleep van polariserende meningen zoals ‘dyslexie/dyscalculie is het gevolg van slecht onderwijs’, ‘het gaat het om flutlabels’ … is er nood aan een feitengebaseerd contradiscours.’ Daarom is het tijd ‘om wat feiten over deze ‘drempels’ en de ‘zin van redelijke aanpassingen’ op een rijtje te zetten.’

Je hoeft niet helderziend te zijn om een verband te ontwaren tussen het Breinwijzer-evenement aan de ene kant en mijn passage bij Van Gils en Gasten aan de andere. Toch ben ik op de Breinwijzer-gespreksavond niet uitgenodigd, –  expert met dienst is Annemie Desoete. Die kroop zowat meteen na de Van Gils-uitzending in haar pen om een reactie op facebook te posten. Teneur: ik verkoop meningen, zij heeft de feiten aan haar kant.

Maar naar feiten kun je in haar reactie lang zoeken. In onzorgvuldige redeneringen daarentegen grossiert ze. Neem nu de passage die weerwerk moet bieden tegen mijn stelling dat labels meer kwaad doen dan goed: ‘Momenteel vonden we alvast geen evidentie voor het feit dat een ‘juiste’ diagnose of label handicaperend zou zijn. Kinderen vertellen hoe ze vroeger dachten dat ze ‘dom’ waren en hoe men hen verweet van ‘lui’ of ‘dom’ te zijn. De diagnose maakte voor hen duidelijk dat dit niet zo was.’ Dat Desoete geen evidentie vindt voor het contraproductieve karakter van labels, maakt mijn stelling niet tot een mening. John Hattie houdt labelen voor het ergste wat we leerlingen en studenten kunnen aandoen. Hoe erg labelen wel is, is in studies becijferd: het effect is -0.60, uitgesproken negatief.

Dat negatieve effect zit hem bijvoorbeeld in het feit dat je van een dyslexielabel geen betere lezer wordt. (Hoe zou je, van een diagnose die zegt dat je nooit beter kunt worden?) Integendeel, zegt Hattie, je wordt een slechtere. Maar Desoete vindt toch dat labels goed zijn. Haar argument is welbevinden: door zo’n label weten kinderen dat ze niet lui en niet dom zijn. Welnu, mevrouw Desoete, op de TintelTuin hebben de leerkrachten met behulp van de Alfabetcode  tot nog toe elk kind vlot leren lezen, ook de kinderen met een ‘juiste dyslexiediagnose’. Dat ze niet lui en niet dom zijn, weten die kinderen beter dan wie ook. Om de simpele reden dat ze nu wél kunnen lezen. (Een argument dat eeuwig overeind blijft, – in tegenstelling tot de diagnose van een professor. Die wordt altijd wel door iemand betwijfeld.)

Denkt u nu echt, mevrouw Desoete, dat ze daardoor slechter af zijn? Of vreest u dat de ontwikkeling van andere talenten  de pas wordt afgesneden omdat ze de basisvaardigheid die lezen is tóch nog onder de knie hebben gekregen? Want die hebben mensen met een dys wel, suggereert u in uw anekdote over de ingenieur met dyscalculie die iedereen overklaste als na het stomme hoofdrekenen het echte denkwerk eraan kwam. Toont u mij alstublieft eens het bewijs dat mensen met dyslexie of dyscalculie anderen op andere gebieden dan lezen en rekenen systematisch overklassen. Dat moet een kleine moeite zijn voor iemand die zweert bij een ‘feitengebaseerd discours’.

 

 

No Comments Yet

Leave a Reply

WordPress Appliance - Powered by TurnKey Linux